23 januari t/m 9 februari 2010
Tentoonstelling Vers bloed 2010

Sinds een aantal jaren presenteert de Haagse Kunstkring aan het begin van het jaar zijn nieuwe leden van het afgelopen jaar. De nieuwe werkende leden van de afdeling Beeldende Kunst krijgen op deze manier de gelegenheid zich in de vereniging officieel te presenteren. De tentoonstelling, getiteld Vers bloed 2010, gaat zaterdag 23 januari open en duurt t/m 9 februari.
De exposanten zijn: Mirian Zimmerman, Chris de Vis, Paddy Summerfield, Jascha Cavia, Anselma Bueler, Frederick Linck, Carla Broekhuizen, Martin Helm, Teun Berserik, Ingrid Rollema, Wendelien Schönfeld, Boudewijn Schrijver, Jeroen Verheugd en Greetje van den Akker.

In de landschappen van Mirian Zimmerman spelen water en structuren een belangrijke rol. Structuren bestaande uit talloze kleine details vormen samen het landschap, terwijl water symbool staat voor rust, ruimte en leven. "Ik probeer een balans te vinden tussen de drukte van het detail en de rust van het landschap. In de serie Noorwegen was ik daarnaast vooral gefascineerd door de mist en de nevel rondom de bergen, de sneeuwvlaktes omgeven door rotsen en donkere dennenbossen. Ik werk met een combinatie van acrylverf en lakverf en breng de laatste lagen als een soort dripping paintings op het doek aan", aldus de kunstenares.

Het werk van Paddy Summerfield is gebaseerd op chigiri-e, een techniek die in China en Japan al meer dan duizend jaar in gebruik is. Hij bestaat uit collage met gekleurd en gescheurd papier. Kleur is voor haar heel belangrijk. Het papier dat ze gebruikt is meestal dun Japans papier dat transparant blijft als het gekleurd wordt. Twee thema's zijn belangrijk voor haar: lichaamstaal en landschappen.

Wendelien Schönfeld: "Mijn houtsneden zijn een aangeslepen vertaling van beelden die ik gezien heb, meestal vaker. Ik schets en verken ze op locatie, schets voor ik aan de houtsnede begin."

Het werk van Greetje van den Akker is meestal van groot formaat, in gemengde technieken, op papier of doek. De kleine werken maakt ze op allerlei dragers. Communicatie tussen mensen en christelijke spiritualiteit zijn belangrijke onderwerpen voor haar.

Frederick Linck werkt in de traditie van de human interest-fotografie. Zijn methode is documentair, zijn benadering empatisch. Hij fotografeert bij voorkeur mensen op straat of bij hun dagelijkse bezigheden, bij bestaand licht, maar hij maakt ook portretten en stillevens in studiosettings. Zijn onderwerpen vindt hij vaak in zijn naaste omgeving in Den Haag.

Chris de Vis exposeert beelden. "Ik ga voor de glimlach met diepgang. Eén van mijn uitdagingen is een koud en zwaar materiaal als ijzer warmte en lichtheid te geven." Zijn beeld "Stand up" gaat over het kantelmoment. Gaan zitten, tijd voor rust, afstand en bezinning. Of opstaan, tijd voor actie. Dit is een cruciaal keuzemoment voor veel dingen in het leven. In het beeld "Rebel" gaat het om een betekenis van een houding teruggebracht tot minimale lijnen. "In feite streef ik er in mijn werk naar om eenvoudige, alledaagse zaken van het leven, zoals het zitten, het staan, het hangen en het lopen een verdiepte betekenis te geven."

Anselma Bueler zegt over haar schilderijen: "In onze belevingswereld gaan idealen zo op in de realiteit dat ze welhaast onzichtbaar zijn. Met mijn werk wil ik juist deze idealistische kant van het leven benadrukken. Mensen verlangen naar oneindigheid en doen er alles aan om binnen de veranderende mogelijkheden een moment van gewichtloosheid te ervaren. In dat streven kom je bruikbaars en onbruikbaars tegen, laat je ideeën vallen en bewaar je verhalen die van tijd tot tijd weer opduiken, soms met een ander gezicht. Er is een kwetsbaar evenwicht en meteen ook een wisselwerking tussen de buitenwereld en de passie van binnenuit."

Over het werk van Martin Helm:
"We weten allemaal hoe een mens eruit ziet: een hoofd, romp, armen, benen, voeten, handen, enzovoort. Wat gebeurt er wanneer je de aanwezigheid van iemand wilt scheppen, zonder te willen 'afbeelden'? Wat blijft er van iemand over als je geen hoofd, handen, benen, noem maar op, wilt' namaken'? Misschien niet meer dan een serie associaties, symbolen, aanduidingen. Vormen uit de natuur, handelingen, gebeurtenissen.
Mijn objecten zijn plaatsvervangers. Ik beschouw mezelf als primitief kunstenaar. Ik doe wat de mensheid al honderdduizend jaar heeft gedaan. Ik probeer - met beeldende middelen - de wereld voor mezelf (en hopelijk ook voor anderen) aanvaardbaar te maken. De middelen zijn anders dan vroeger, dat is duidelijk, maar de intentie is dezelfde. Kunst, dat weten bijna alle kunstenaars, is uiteindelijk een soort voodoo. En zal ik jullie een geheim verklappen? Voodoo werkt!", aldus Martin Helm.

Teun Berserik zegt het volgende over zijn kunstenaarschap: "Als illustrator ben ik het mooie schildersvak binnengerold. Mijn schilderijen dragen daar duidelijk de sporen van, zodat kunst en kunde in mijn werk samengaan. Een boodschap hoef ik niet uit te dragen, dat laat ik aan anderen over. Laat mij maar lekker schilderen."

Ingrid Rollema exposeert de tekening Beirut 2008, een gemengde techniek. Zij werkt op een bestaand beeld dat haar uit het lood heeft geslagen. "Ik geloof niet dat iemand blanco kan beginnen. Ons hoofd zit vol beeld waar we iedere dag weer mee moeten dealen en wat we vaak ook weer willen verwijderen", aldus de kunstenares.

Jascha Cavia weet de werkelijkheid om te zetten in een onvoorspelbare compositie met verschillende vlakken. Je probeert als kijker te volgen wat de relatie tussen deze vlakken is: geen afleesbaar landschap, maar een levendig organisch werk.

Carla Broekhuizen:"Hoewel al mijn hele leven bezig met enige vorm van beeldende kunst, begon mijn bloed pas op volle kracht te stromen met de aanschaf van een digitale camera (2003). Vanaf dat moment leef ik alleen nog maar voor het maken van beelden. Ik noem mezelf dan ook geen fotograaf maar beeldenmaker. De intensiteit waarmee ik dat doe neemt alleen nog maar toe. Conceptueel werk is wat mij het dichtst aan het hart ligt, hierin zit mijn kracht. Ik kan weken of zelfs maanden broeden op een beeld wat bezit van mij heeft genomen. Uiteindelijk komt alles bij elkaar en is de geboorte een feit. Daarna begint het hele proces weer opnieuw. Mijn voorkeur gaat vooral uit naar verrotte, surrealistische beelden met een vleugje humor. Modellen vind ik op straat en de props koop ik op rommelmarkten of maak ik zelf. Ik heb nog zoveel ideeën dat ik ze onmogelijk allemaal tot leven kan roepen in 1 mensenleven, desnoods kom ik gewoon terug ..."

In de schilderijen van Boudewijn Schrijver is vaak een ommuurde ruimte met een lichtbron aanwezig. De mensen erin gedragen zich als robots. Zijn kijk op die wereld is spookachtig en soms cynisch. Doordat de schilder de sinistere sfeer weergeeft door primaire kleuren ontstaan broeierige beelden.

Het werk van Jeroen Verheugd is door collega-kunstenaar Perry van Amstel als volgt gekarakteriseerd: "Of als door een wonder die ene seconde voorvoelen waarop die dingen samenvallen die hem tot in zijn ziel beroeren: schoonheid, kwetsbaarheid, het leven, liefde en lijden. Of als door een wonder die ene seconde door subtiele enscenering als het ware creëren, die ene seconde met grote vaardigheid, haast achteloos vastgelegd. Jeroen Verheugd laat zien hoe mooi de ruimte is waarin wij leven en hoe troostrijk de tijd eigenlijk is." Hij exposeert foto's en een enkele tekening.

   
Chris de VisGreetje van den AkkerMirian Zimmerman  
      
   
Teun Berserik Wendelien SchönfeldPaddy Summerfield
   
Ingrid RollemaCarla BroekhuizenJascha Cavia   
     
Jeroen Verheugd