De
iure belli ac pacis
24 november t/m 8 december 2009
Beeldend
kunstenaars over recht en vrede. Zij vormen het gebouw van de Kunstkring om tot
een omgeving waarin het meest universele gedachtegoed van Hugo de Groot wordt
verbeeld: recht versus onrecht. Exposanten: Amante, Leo Jinssen, Peter van Loon,
Mies Olthuis, Christa van Santen, Nelleke Scharroo, Tamara Traxel, Kees Wattjes,
Petra Wiek en Marieke Cordesius.
Deelname van de afdeling Beeldende Kunst
van de HKK aan de manifestatie 'Grotius' riep de vraag op hoe het gedachtegoed
van Hugo de Groot zichtbaar gemaakt kon worden, in aanmerking nemend dat dit gedachtegoed
veelomvattend is en niet in al haar aspecten de mogelijkheid biedt voor visualisering.
Een wettekst is nu eenmaal moeilijk in beelden te vatten. Thematische beperking
was dus noodzakelijk en om die reden werd gekozen voor het uitgangspunt dat Hugo
de Groot een van de grondleggers is van het internationaal recht. Het internationaal
recht vormt het belangrijkste fundament waarop - zij het moeizaam - het gebouw
van wereldvrede en internationale ordening rust. Zonder het internationale recht
zou de huidige wereld er naar alle waarschijnlijkheid een stuk beroerder voorstaan.
Want (internationaal) recht is de enige mogelijkheid om (internationaal) onrecht
aan de kaak te stellen, te bestrijden en waar mogelijk uit te roeien. Recht en
onrecht zijn als zodanig onlosmakelijk aan elkaar gebonden, iets kan pas onrecht
genoemd worden wanneer er recht over kan worden gesproken. Hiermee is ook het
doel van deze tentoonstelling geformuleerd: het zichtbaar maken van de welhaast
symbiotische verbintenis tussen recht en onrecht en dan in het bijzonder waar
recht en onrecht grensoverschrijdend of globaal te noemen zijn.
De
volgende 10 kunstenaars werden door de afdeling geselecteerd om speciaal voor
deze tentoonstelling werk te maken. Amante, Peter van Loon, Leo Jinssen, Christa
van Santen, Tamara Traxel, Marieke Cordesius, Petra Wiek, Kees Wattjes, Mies Olthuis
en Nelleke Scharroo.
Zij stonden voor de taak om ieder op geheel eigen manier
het thema op zodanige wijze uit te werken - te verbeelden - dat de tentoonstelling
zowel in de gekozen onderwerpen als in de gehanteerde technieken een veelzijdig
en gevarieerd beeld laat zien. Deze doelstelling vereiste meer dan dat ieder voor
zich in het atelier aan het werk ging om bij de inrichting van de tentoonstelling
kennis te nemen van elkaars werk. Om de tentoonstelling goed in te passen in het
gehele Grotiusproject en toch een eigen gezicht te geven was het noodzakelijk
dat de kunstenaars vanaf het begin van het werkproces elkaar op de hoogte brachten
van hun ideeën en waar nodig met elkaar overlegden hoe deze ideeën elkaar
aan konden vullen en daardoor het totale beeld van de tentoonstelling zouden versterken.
Door deze werkwijze ontstond een proces waarin een balans gevonden werd tussen
de individuele opvattingen en uitingen en het gezamenlijk belang om door middel
van deze tentoonstelling op een boeiende en gevarieerde wijze het gekozen thema
te verbeelden. Niet zonder knipoog naar de tijd van Hugo de Groot waarin 'lering
ende vermaeck' gezien werd als de belangrijkste functie van de kunst is deze tentoonstelling
een kijkspel waarbinnen esthetiek gepaard wordt aan een soms treurigstemmende
maar ook hoopvolle boodschap.
Deze tentoonstelling was de bijdrage van de afdeling Beeldende Kunst aan de manifestatie Grotius die de Haagse Kunstkring organiseerde tijdens de grootscheepse viering van vierhonderd jaar Mare liberum in Den Haag (september-december 2009).
![]() | ![]() | ![]() | |||
| Christa van Santen | Petra Wiek | Mies Olthuis | |||
![]() | ![]() | ![]() | |||
| Peter van Loon | Leo Jinssen | Amante | |||