19
januari t/m 5 februari 2008
Vers bloed 2008
Werk
van kunstenaars die in 2007 lid werden van de Haagse Kunstkring: Leo van der Kleij,
Cristina Ursu, Hans Schults, Marianne Bos, Hans Lagerweij, Willem Moerenhout,
Franceline Pompe, Tom Hubbard, Sungmee Bae, Jurjen Ravenhorst, Bouwe Kuijt, Eric
Kampherbeek, Eva van Panhuijs, Erik-Jan Ligtvoet en Liesbeth Busman.
In
de schilderijen van Franceline Pompe (1963) gaat het om het contact tussen
mensen, soms innig, zoals tussen twee broers uit Oost- en West-Berlijn, soms ook
formeel, zoals tussen regeringsleiders. Ook gebrek aan contact of juist heel heftig
contact tussen individuen verbeeldt zij in haar werk. Daarnaast maakt zij modeltekeningen
op papier.
Voor Cristina Ursu (Roemenië 1957) zijn mens, emotie en betrokkenheid de trefwoorden. Op alle mogelijke plaatsen, op straat, zittend voor de tv, maakt zij schetsen, snelle schetsen, omdat de beelden voorbij flitsen. Deze werkt ze vervolgens uit tot schilderijen. De individuele mens op zoek naar de zin van zijn bestaan, en de massa staan in haar werk centraal.
Leo van der Kleij (1954) is in zijn schilderijen en grafisch werk op zoek naar de spanning tussen het platte vlak en de gesuggereerde ruimte. In zijn foto's legt hij het dagelijks leven vast, met een kleine 'twist' door de opbouw van het beeld.
Willem Moerenhout (1940) ontwikkelt in zijn schilderijen en tekeningen beelden die ontstaan zijn naar aanleiding van ervaringen in het dagelijks leven.
Erik-Jan Ligtvoet (1968) legt zich vooral toe op tekenen. Vanuit foto's die hij maakt op reizen en terloops gemaakte snapshots komen de tekeningen tot stand. Het zijn vaak beelden van een stedelijke omgeving, die hij een aantal keren vanuit verschillende standpunten laat zien. Het resultaat is een complexe realiteit.
Het beeld in het tweedimensionale werk van Jurjen Ravenhorst (1958) is hoofdzakelijk opgebouwd uit abstracte vormen en vlakken. De relatief kleine herkenbare beeldelementen (huizen, bloemen, pilaren) die hij toevoegt, maken er een op zichzelf staande wereld van. Zijn schilderwerk en zijn grafisch werk beïnvloeden elkaar wederzijds.
Sungmee Bae (Zuid-Korea 1960) is gefascineerd door de weerkaatsing van licht en van objecten in water. "Vooral golven, veroorzaakt door een kleine, rustige beweging boeien me. Als het licht en de wind tot de verbeelding sprekende figuren in het water maken, dan wil ik dat ogenblik beetpakken en het vastleggen op doek. Ik zoek niet alleen de schoonheid van de weerkaatsing van het water, maar ook de zelfreflectie daarin."
'Het politieke toneel' is het onderwerp van Marianne Bos (1955). Zij woonde lang in het buitenland en overal inspireerde de politiek haar als schouwspel. Afhankelijk van het land veranderen haar kleuren: Venezuela rood, Amerika na de Twin Towers zwart/wit en Nederland grijs. De houtsnede is voor haar de ideale techniek om politieke prenten mee te maken: "Veel nuances zijn er niet en wat je wegsmijt is voorgoed verdwenen", aldus de kunstenaar.
Hans Schults (1944) exposeert gemengde technieken. Het zijn tekeningen die hij bewerkt met de computer en vervolgens met aquarelverf van kleur voorziet. De satire is in dit werk onmiskenbaar.
Tom
Hubbard (1964) exposeert een serie gemengde technieken genaamd Greenhouse.
Hij fotografeerde niet meer in gebruik zijnde kassen en werd getroffen door de
schoonheid in deze vervallen en vergeten agrarische monumenten. En zegt hij zelf,
in zekere zin vond ik er mezelf terug.
De schilderijen van Hans Lagerweij
(1952) zijn confronterend door de persoonlijke teksten die hij in zijn werk
gebruikt. Het zijn harde uitspraken waarmee de kunstenaar de schijnheiligheid
van de maatschappij aan de kaak wil stellen.
Liesbeth Busman (1977) maakt sieraden en objecten. Zij ontwierp een serie sieraden met compacte, simpele vormen, zo puur mogelijk. Ze werkt daarin met de bekende edele metalen (diversen soorten goud en zilver). Over haar serie objecten met de titel Urban structures zegt zij zelf: "Als onverstoorbaar gras tussen betonnen tegels zoek ik naar oersymboliek in beeldcultuur en neonlawaai. Hedendaagse symbolen "slechts" logo of tóch meer?
Eric Kampherbeek (1979) is fotograaf. Hij onderzoekt de manier waarop mensen zich manifesteren. Hij neemt daarbij afstand van zijn onderwerp om dit te kunnen relativeren. Daarnaast houdt het verschijnsel fotografie hem bezig: verandert de omgeving als je er een foto ophangt, of verandert het beeld door de omgeving.
De sieraden van Bouwe Kuijt (1952) vallen op door het materiaal waarvan ze gemaakt zijn: rubber. Niet voor niets noemt hij ze zelf 'flat tyres' (lekke fietsbanden). Het materiaal weet hij heel origineel te verwerken, soms met toevoeging van bv. kralen, tot draagbare halssieraden en armbanden.
Eva van Panhuijs (1954) is architect en vormt samen met Rob Bais een maatschap. Zij ontwerpen gebouwen die geïntegreerd zijn in hun omgeving, gebaseerd op de menselijke maat. De sociale en de natuurlijke omgeving zijn essentieel voor hun manier van ecologisch bouwen die zij vooral toepassen in woningen.
![]() | ![]() | ![]() | ![]() | ![]() |
Cristina Ursu | Hans Schults | Willem Moerenhout | Franceline Pompe | Tom Hubbard |
![]() | ![]() | ![]() | ![]() | ![]() |
| Liesbeth Busman | Leo van der Kleij | Bouwe Kuijt | Eva van Panhuijs | Erik-Jan Ligtvoet |
![]() | ||||
| Sungmee Bae | ||||